Consumenten

Een sectorplan opgericht via een sectorale CAO is bindend voor de werkgevers die zijn aangesloten bij een werkgeversorganisatie die partij is bij de CAO. Wanneer de CAO via een koninklijk besluit algemeen verbindend wordt verklaard, dan geldt het sectorplan verplicht voor alle werkgevers van de sector. Als gevolg hiervan worden alle betrokken werknemers die onder het paritair comité vallen aangesloten bij het sectorplan.

  • Het is wel mogelijk dat de CAO bepaalde werkgevers buiten het toepassingsgebied van het sectorplan plaatst. Deze werkgevers zijn dan niet gebonden door het sectorplan.
  • Daarnaast kan de CAO voorzien in een zogenaamde opting out-mogelijkheid. In dat geval kan een werkgever ervoor kiezen om, in de plaats van deel te nemen aan het sectorplan, zelf een aanvullend pensioen op te bouwen voor zijn werknemers. De werkgever betaalt dan geen bijdragen aan het sectorplan, maar organiseert zelf, via een ondernemingsplan, het aanvullend pensioen zoals dit in de sector voorzien is. De werkgever moet er wel voor zorgen dat zijn pensioenplan geldt voor alle werknemers die onder het toepassingsgebied van het sectorplan vallen en minstens het niveau bereikt van het sectorplan:
    • bij een pensioenplan van het type vaste bijdragen mogen de stortingen niet lager zijn dan de stortingen bij het sectorplan;
    • bij een pensioenplan van het type vaste prestaties mogen de verworven reserves op geen enkel ogenblik lager zijn dan de verworven reserves die voortvloeien uit het sectorplan.

Het pensioenreglement moet overgemaakt worden aan de sectorale inrichter zodat deze kan nagaan of het in overeenstemming is met de CAO die het sectorplan invoert.

Werkgevers die een opting out overwegen moeten een bijzondere inspraakprocedure naleven. Het ontwerp van pensioenreglement en de keuze van de pensioeninstelling moeten voorafgaandelijk voor advies worden voorgelegd aan de ondernemingsraad of, wanneer er geen ondernemingsraad is, aan het comité voor preventie en bescherming op het werk, of wanneer er ook geen dergelijk comité is, aan de vakbondsafvaardiging. Indien binnen de onderneming geen van deze organen aanwezig is, moeten de werknemers voorafgaandelijk op de hoogte worden gebracht door middel van aanplakking.

Wanneer het pensioenplan wordt beheerd door een pensioenfonds, moet de raad van bestuur van dat pensioenfonds bovendien evenveel vertegenwoordigers van de werknemers als van de werkgevers tellen. Dit wordt paritair beheer genoemd.

Wordt het pensioenplan beheerd door een verzekeringsonderneming, dan moet er een 'toezichtscomité' worden opgericht dat voor de helft is samengesteld uit leden die het personeel vertegenwoordigen.  

  • Het staat de werkgever steeds vrij om bovenop het bestaande sectorplan een bijkomend pensioenplan in te voeren voor zijn werknemers. Dit wordt opting up genoemd.

Het aanvullend pensioen is een pensioen dat door een werkgever (of een bedrijfssector) wordt opgebouwd voor zijn werknemers. Het aanvullend pensioen wordt uitbetaald bovenop het wettelijk pensioen en kan de vorm aannemen van een eenmalig kapitaal of een periodieke (maandelijkse, jaarlijkse,...) rente.

De aanvullende pensioenen worden ook wel de 'tweede pensioenpijler' genoemd.

Werknemers: Meer info

Het aanvullend pensioen kan gefinancierd worden door:

  • werkgeversbijdragen (of patronale bijdragen): dit zijn bijdragen die de werkgever stort aan de pensioeninstelling;

en/of

  • werknemersbijdragen (of persoonlijke bijdragen): dit zijn bijdragen die de werkgever van het loon van de werknemer afhoudt en doorstort aan de pensioeninstelling.

Werknemers: Meer info

Een collectieve arbeidsovereenkomst (CAO) is een akkoord dat gesloten wordt tussen één of meer werknemersorganisaties en één of meer werkgeversorganisaties of één of meer werkgevers en waarin afspraken worden vastgelegd over de arbeidsvoorwaarden, zoals bv. het aanvullend pensioen.

Er kan een CAO worden afgesloten op het niveau van één onderneming, of op het niveau van een bedrijfssector.

Het initiatief voor de opbouw van een aanvullend pensioen ligt bij de inrichter. De inrichter is degene die het aanvullend pensioen belooft aan de werknemers.

  • In de meeste gevallen gaat het initiatief uit van de werkgever. Heel wat werkgevers hebben een pensioenplan ingevoerd voor de werknemers van hun onderneming. In dat geval spreekt men van een ondernemingspensioen of ondernemingsplan.
  • Het initiatief kan ook uitgaan van een bedrijfssector. In dat geval zal het pensioenplan gelden voor de werknemers van een hele sector. Men spreekt in dat geval van een sectorpensioen of sectorplan.

Wanneer de sociale partners een sectorplan invoeren, moeten zij een instelling aanduiden die de rol van inrichter op zich neemt. Dit moet een instelling zijn die gezamenlijk wordt bestuurd door vertegenwoordigers van de werknemers en van de werkgevers. Meestal is dit een fonds voor bestaanszekerheid.

Werknemers: Meer info

Als er op het niveau van een bedrijfssector een aanvullend pensioenplan wordt ingericht, zijn in principe alle werkgevers die in die bedrijfssector actief zijn, verplicht om bij het sectorplan aan te sluiten. Het is wel mogelijk dat de CAO toelaat dat een onderneming niet aansluit bij het sectorplan, maar zelf een aanvullend pensioen opbouwt voor zijn werknemers. Dit wordt opting out genoemd. Dit pensioen moet minstens het niveau bereiken van het sectorplan.

Werknemers: Meer info

Dit betekent dat het beheer wordt waargenomen door evenveel vertegenwoordigers van de werknemers als van de werkgever.

Een paritair comité is een sociaal overlegorgaan waar de sociale partners (werkgevers en vakbonden) van een bedrijfssector onderhandelen over de loon- en arbeidsvoorwaarden voor de werknemers van die sector.

Een pensioenfonds is een instelling die wordt opgericht door één of meerdere ondernemingen of bedrijfssectoren met als doel het beheer van hun aanvullende pensioenplannen. De raad van bestuur van deze instelling bestaat voor het merendeel uit vertegenwoordigers van deze onderneming(en) of bedrijfssector(en) en soms ook vertegenwoordigers van de aangeslotenen. Op die manier hebben de oprichtende onderneming(en) of sector(en) rechtstreeks inspraak in het beheer van hun aanvullend pensioenplan en de manier waarop de bijdragen worden belegd.

Een pensioenfonds wordt ook instelling voor bedrijfspensioenvoorziening of IBP genoemd.

Werknemers: Meer info

Dit is de instelling die het aanvullend pensioen beheert. Dit kan een verzekeringsonderneming of een pensioenfonds zijn.

Werknemers: Meer info

In deze Q&A wordt de term pensioenplan als een algemene term gebruikt voor alle soorten van pensioentoezeggingen.

Als een werkgever het initiatief neemt om een aanvullend pensioen te organiseren voor alle of een deel van de werknemers in zijn onderneming, spreekt men van een ondernemingsplan. Wanneer het initiatief uitgaat van een paritair comité van een bepaalde bedrijfssector, is dit een sectorplan.

Werknemers: Meer info

Het pensioenreglement beschrijft de spelregels van het aanvullend pensioenplan.

Het pensioenreglement kan worden opgevraagd bij de inrichter (werkgever of sectorale inrichter) of bij de pensioeninstelling. Op de jaarlijkse pensioenfiche wordt vermeld bij wie men hiervoor terecht kan. Sinds oktober 2016 kunnen actieve aangeslotenen het pensioenreglement ook raadplegen via de website www.mypension.be.

Werknemers: Meer info

Sectorpensioen of sectorplan

Dit is een pensioenplan dat ingevoerd wordt binnen een paritair comité en voor een hele bedrijfssector geldt. Zo bestaan er bijvoorbeeld sectorplannen in de bouw, de voedingsnijverheid, de scheikundige nijverheid, de non-profitsector, enz.

Werknemers: Meer info

Bij een pensioenplan van het type vaste prestaties wordt de betaling van een welbepaald pensioen beloofd: de inrichter (werkgever of sectorale inrichter) belooft aan zijn werknemers een eenmalig kapitaal of een bepaalde rente bij hun pensionering.

Het pensioenreglement beschrijft hoe groot dit kapitaal of de rente zal zijn: dit wordt meestal berekend op basis van een formule die rekening houdt met het aantal jaren dat de werknemer heeft gewerkt en zijn loon.

Werknemers: Meer info