Consumenten

Hoe worden mijn pensioenrechten berekend op het ogenblik van mijn ontslag?

Wanneer u de onderneming of de bedrijfssector verlaat vóór u de uitbetaling van uw aanvullend pensioen kan opvragen, dan kan u uiteraard geen aanspraak maken op het volledige pensioen waarop u recht zou hebben gehad wanneer u gedurende de volledige loopbaan binnen de onderneming of de bedrijfssector actief was gebleven. Maar de pensioenrechten die u op het ogenblik van de uitdiensttreding al heeft opgebouwd, zijn van u en kunnen u niet meer worden ontnomen.

Die opgebouwde pensioenrechten worden verworven reserve en verworven prestatie genoemd. De verworven reserve en verworven prestatie drukken uit welke pensioenrechten u als aangeslotene heeft opgebouwd op basis van uw loopbaan tot op het ogenblik van uw vertrek.

Het verschil tussen de verworven prestatie en de verworven reserve ligt in het tijdstip waarop u het bedrag kan opvragen:

  • de verworven prestatie is het bedrag waarop u recht heeft op de einddatum die in het pensioenreglement is bepaald. Dit bedrag wordt berekend op basis van uw loopbaan tot op het moment van uw uitdiensttreding.
    Voorwaarde daartoe is wel dat u de opgebouwde reserve tot uw pensioen in het pensioenplan laat staan zonder wijziging van de pensioentoezegging, en u dus geen gebruik maakt van het recht om uw reserve over te dragen wanneer u uit dienst treedt.
    Wanneer u beslist om uw reserve over te dragen, zal het bedrag dat u bij pensionering ontvangt niet hetzelfde zijn.

De verworven prestatie wordt berekend op basis van de einddatum (ook pensioenleeftijd genoemd) die in het pensioenreglement is vastgelegd (vb. 60 of 65 jaar). 
Deze leeftijd is echter niet noodzakelijk de leeftijd waarop uw aanvullend pensioen effectief kan of moet worden uitgekeerd. Het is mogelijk dat het bedrag van de verworven prestatie verschilt indien op een andere datum wordt uitgekeerd.

Bij sommige pensioenplannen waarbij noch de inrichter, noch de pensioeninstelling een vast rendement waarborgt, is het niet mogelijk om een verworven prestatie te berekenen, aangezien het bedrag waarop u bij pensionering recht heeft, niet vaststaat. 

  • de verworven reserve is het bedrag dat nu al voor u is opgebouwd bij de pensioeninstelling.
    Nadat u uit dienst treedt, heeft u het recht om dit bedrag over te dragen.
    Wanneer u uw pensioenreserve niet overdraagt en dus in het pensioenplan laat staan zonder wijziging van de pensioentoezegging, zal het bedrag van de verworven reserve verder aangroeien om op de pensioenleeftijd uiteindelijk gelijk te zijn aan de verworven prestatie.

De verworven reserve en de verworven prestatie worden vermeld op de jaarlijkse pensioenfiche en op de uittredingsfiche die u ontvangt wanneer u uit dienst treedt.

Meer informatie over de manier waarop de verworven reserve en de verworven prestatie worden berekend:

  1. Hoe wordt uw verworven prestatie berekend?
  2. Hoe wordt uw verworven reserve berekend?

Naast de verworven reserve en prestatie moet men bij een uitdiensttreding ook nog rekening houden met de wettelijke rendementsgarantie. Wanneer zou blijken dat het bedrag van uw verworven reserve minder bedraagt dan de wettelijke rendementsgarantie en u uw pensioenreserve wenst over te dragen, dan zal de inrichter (werkgever of sectorale inrichter) het verschil moeten bijpassen.

 

Het aanvullend pensioen is een pensioen dat door een werkgever (of een bedrijfssector) wordt opgebouwd voor zijn werknemers. Het aanvullend pensioen wordt uitbetaald bovenop het wettelijk pensioen en kan de vorm aannemen van een eenmalig kapitaal of een periodieke (maandelijkse, jaarlijkse,...) rente.

De aanvullende pensioenen worden ook wel de 'tweede pensioenpijler' genoemd.

Werknemers: Meer info

Het initiatief voor de opbouw van een aanvullend pensioen ligt bij de inrichter. De inrichter is degene die het aanvullend pensioen belooft aan de werknemers.

  • In de meeste gevallen gaat het initiatief uit van de werkgever. Heel wat werkgevers hebben een pensioenplan ingevoerd voor de werknemers van hun onderneming. In dat geval spreekt men van een ondernemingspensioen of ondernemingsplan.
  • Het initiatief kan ook uitgaan van een bedrijfssector. In dat geval zal het pensioenplan gelden voor de werknemers van een hele sector. Men spreekt in dat geval van een sectorpensioen of sectorplan.

Wanneer de sociale partners een sectorplan invoeren, moeten zij een instelling aanduiden die de rol van inrichter op zich neemt. Dit moet een instelling zijn die gezamenlijk wordt bestuurd door vertegenwoordigers van de werknemers en van de werkgevers. Meestal is dit een fonds voor bestaanszekerheid.

Werknemers: Meer info

Zo lang een aangeslotene in dienst is, krijgt hij één maal per jaar van de pensioeninstelling of de inrichter (werkgever of sectorale inrichter) een pensioenfiche met een overzicht van de stand van het door hem opgebouwde aanvullend pensioen.

Werknemers: Meer info

Dit is de instelling die het aanvullend pensioen beheert. Dit kan een verzekeringsonderneming of een pensioenfonds zijn.

Werknemers: Meer info

In deze Q&A wordt de term pensioenplan als een algemene term gebruikt voor alle soorten van pensioentoezeggingen.

Als een werkgever het initiatief neemt om een aanvullend pensioen te organiseren voor alle of een deel van de werknemers in zijn onderneming, spreekt men van een ondernemingsplan. Wanneer het initiatief uitgaat van een paritair comité van een bepaalde bedrijfssector, is dit een sectorplan.

Werknemers: Meer info

Het pensioenreglement beschrijft de spelregels van het aanvullend pensioenplan.

Het pensioenreglement kan worden opgevraagd bij de inrichter (werkgever of sectorale inrichter) of bij de pensioeninstelling. Op de jaarlijkse pensioenfiche wordt vermeld bij wie men hiervoor terecht kan. Sinds oktober 2016 kunnen actieve aangeslotenen het pensioenreglement ook raadplegen via de website www.mypension.be.

Werknemers: Meer info

Het rendement is de opbrengst die men krijgt wanneer men een bedrag belegt. Het neemt de vorm aan van interest.

Voorbeeld:

U belegt 100 euro. Een jaar later heeft u 102 euro. Dit betekent dat de belegging van uw oorspronkelijk bedrag van 100 euro een rendement van 2% heeft opgebracht.

Om het beleggingsrisico voor de aangeslotenen te beperken, heeft de wet een rendementsgarantie ingevoerd: de inrichter (werkgever of sectorale inrichter) is verplicht om ervoor te zorgen dat de aangeslotenen bij pensionering of overdracht na uitdiensttreding, minstens het bedrag van de gestorte werkgeversbijdragen en/of werknemersbijdragen krijgen, gekapitaliseerd tegen een wettelijk vastgesteld minimumrendement.

Werknemers: Meer info

Nadat een aangeslotene uit dienst is getreden (vb. wegens ontslag of brugpensioen) ontvangt hij van de pensioeninstelling een uittredingsfiche met informatie over de stand van zijn aanvullende pensioenrechten en wat hij hiermee kan doen.

Werknemers: Meer info

De verworven prestatie is het aanvullend pensioen dat op de pensioenleeftijd zal worden uitbetaald, rekening houdend met het aantal loopbaanjaren dat de aangeslotene op een bepaald ogenblik al 'op de teller' heeft.

Werknemers: Meer info

Dit is het bedrag aan pensioenreserve dat een aangeslotene op een bepaald ogenblik tijdens zijn loopbaan al heeft opgebouwd en dat verworven is. Dit wil zeggen dat deze reserve niet meer kan worden afgenomen. Wanneer de aangeslotene uit dienst treedt, kan hij dit bedrag overdragen naar een andere pensioeninstelling.

Werknemers: Meer info