Consumenten

Bij dit type van pensioentoezegging belooft de werkgever (of sectorale inrichter) geen vast eindresultaat, maar enkel de betaling van bijdragen.

Voor elke werknemer wordt regelmatig, bv. elke maand of elk jaar, een bepaalde bijdrage gestort aan de pensioeninstelling (verzekeringsonderneming of pensioenfonds). De bijdragen worden door de pensioeninstelling voor elke aangeslotene afzonderlijk op individuele rekeningen bijgehouden.

Het pensioenreglement beschrijft wie de bijdragen betaalt (de werkgever en/of de werknemer) en hoeveel deze bedragen. Dit kan bijvoorbeeld:

  • een vast bedrag zijn (vb. 50 euro per maand);
  • of een bepaald percentage van het loon van de werknemer.

    Voorbeeld:
    Jan heeft een bruto maandloon van 2.500 euro. Het pensioenreglement bepaalt dat elke maand 3% van zijn loon aan de pensioeninstelling wordt gestort, dus 75 euro. Als zijn loon stijgt, stijgen ook de bijdragen voor zijn aanvullend pensioen.

Hoeveel het aanvullend pensioen uiteindelijk zal bedragen bij pensionering, is op voorhand niet geweten, maar hangt af van hoeveel bijdragen er betaald worden, hoe lang er wordt gespaard en hoeveel rendement de beleggingen opbrengen. Het beleggingsrisico, nl. of de beleggingen veel of weinig rendement opbrengen, ligt bijgevolg bij de aangeslotenen. Bij een pensioentoezegging van het type vaste bijdragen is het voor de aangeslotenen dan ook van belang bij welke pensioeninstelling hun aanvullend pensioen wordt beheerd en welke waarborgen de pensioeninstelling biedt.

Om het beleggingsrisico voor de werknemers te beperken heeft de wet aan de inrichter (werkgever of sectorale inrichter) een minimale rendementsgarantie opgelegd. Wanneer bij pensionering of bij een overdracht van de reserves na de uitdiensttreding van een werknemer zou blijken dat de bijdragen minder hebben opgebracht dan een wettelijk minimum, dan zal de inrichter moeten bijbetalen. Lees hier meer over de wettelijke rendementsgarantie.

Onder voorbehoud van de wettelijke rendementsgarantie, is de verplichting van de inrichter bij een pensioenplan van het type vaste bijdragen dus beperkt tot het betalen van bijdragen. Het is niettemin mogelijk dat u als aangeslotene toch een vast rendement geniet dat gewaarborgd wordt door een verzekeringsonderneming. Dit is het geval wanneer de inrichter voor het beheer van het pensioenplan een beroep doet op een verzekeringsproduct met een gewaarborgd rendement, ook tak 21 verzekeringsproduct genoemd. Voor meer uitleg klik hier.

Soms belooft de werkgever (of sectorale inrichter) zelf ook een bepaald minimumrendement op de vaste bijdragen, los van de wettelijke rendementsgarantie. In dat geval spreekt men van een ‘pensioentoezegging van het type vaste bijdragen met gewaarborgd rendement’. In dat geval is de werkgever verplicht deze belofte na te komen. Omdat dit in de praktijk niet veel voorkomt, wordt in deze Q&A enkel gesproken over de pensioentoezeggingen van het type vaste bijdragen zonder gewaarborgd rendement van de inrichter.

Illustratie:

Personen die zijn aangesloten bij een aanvullend pensioenplan worden aangeslotenen genoemd. Er wordt een onderscheid gemaakt tussen:

  • actieve aangeslotenen: dit zijn personen die nog in dienst zijn:

    • van de werkgever die voor hen een aanvullend pensioen opbouwt;
    • of binnen de bedrijfssector waarvoor het pensioenplan geldt;
  • slapers: dit zijn personen die niet meer in dienst zijn binnen de onderneming of bedrijfssector, maar hun reserves in het pensioenplan achterlaten;
  • rentegenieters: dit zijn personen die met pensioen zijn en waarvan het aanvullend pensioen in de vorm van een rente wordt uitbetaald.

Werknemers: Meer info.

Het aanvullend pensioen is een pensioen dat door een werkgever (of een bedrijfssector) wordt opgebouwd voor zijn werknemers. Het aanvullend pensioen wordt uitbetaald bovenop het wettelijk pensioen en kan de vorm aannemen van een eenmalig kapitaal of een periodieke (maandelijkse, jaarlijkse,...) rente.

De aanvullende pensioenen worden ook wel de 'tweede pensioenpijler' genoemd.

Werknemers: Meer info

Het aanvullend pensioen kan gefinancierd worden door:

  • werkgeversbijdragen (of patronale bijdragen): dit zijn bijdragen die de werkgever stort aan de pensioeninstelling;

en/of

  • werknemersbijdragen (of persoonlijke bijdragen): dit zijn bijdragen die de werkgever van het loon van de werknemer afhoudt en doorstort aan de pensioeninstelling.

Werknemers: Meer info

Het initiatief voor de opbouw van een aanvullend pensioen ligt bij de inrichter. De inrichter is degene die het aanvullend pensioen belooft aan de werknemers.

  • In de meeste gevallen gaat het initiatief uit van de werkgever. Heel wat werkgevers hebben een pensioenplan ingevoerd voor de werknemers van hun onderneming. In dat geval spreekt men van een ondernemingspensioen of ondernemingsplan.
  • Het initiatief kan ook uitgaan van een bedrijfssector. In dat geval zal het pensioenplan gelden voor de werknemers van een hele sector. Men spreekt in dat geval van een sectorpensioen of sectorplan.

Wanneer de sociale partners een sectorplan invoeren, moeten zij een instelling aanduiden die de rol van inrichter op zich neemt. Dit moet een instelling zijn die gezamenlijk wordt bestuurd door vertegenwoordigers van de werknemers en van de werkgevers. Meestal is dit een fonds voor bestaanszekerheid.

Werknemers: Meer info

Dit is de instelling die het aanvullend pensioen beheert. Dit kan een verzekeringsonderneming of een pensioenfonds zijn.

Werknemers: Meer info

In deze Q&A wordt de term pensioenplan als een algemene term gebruikt voor alle soorten van pensioentoezeggingen.

Als een werkgever het initiatief neemt om een aanvullend pensioen te organiseren voor alle of een deel van de werknemers in zijn onderneming, spreekt men van een ondernemingsplan. Wanneer het initiatief uitgaat van een paritair comité van een bepaalde bedrijfssector, is dit een sectorplan.

Werknemers: Meer info

Het pensioenreglement beschrijft de spelregels van het aanvullend pensioenplan.

Het pensioenreglement kan worden opgevraagd bij de inrichter (werkgever of sectorale inrichter) of bij de pensioeninstelling. Op de jaarlijkse pensioenfiche wordt vermeld bij wie men hiervoor terecht kan. Sinds oktober 2016 kunnen actieve aangeslotenen het pensioenreglement ook raadplegen via de website www.mypension.be.

Werknemers: Meer info

Het aanvullend pensioen is een extra pensioen dat wordt opgebouwd op grond van tewerkstelling binnen een onderneming of een bedrijfssector. Het initiatief voor de opbouw van het aanvullend pensioen ligt bij de inrichter. De inrichter is degene die het aanvullend pensioen belooft aan de werknemers. Die belofte wordt de pensioentoezegging genoemd.

Werknemers: Meer info

Het rendement is de opbrengst die men krijgt wanneer men een bedrag belegt. Het neemt de vorm aan van interest.

Voorbeeld:

U belegt 100 euro. Een jaar later heeft u 102 euro. Dit betekent dat de belegging van uw oorspronkelijk bedrag van 100 euro een rendement van 2% heeft opgebracht.

Om het beleggingsrisico voor de aangeslotenen te beperken, heeft de wet een rendementsgarantie ingevoerd: de inrichter (werkgever of sectorale inrichter) is verplicht om ervoor te zorgen dat de aangeslotenen bij pensionering of overdracht na uitdiensttreding, minstens het bedrag van de gestorte werkgeversbijdragen en/of werknemersbijdragen krijgen, gekapitaliseerd tegen een wettelijk vastgesteld minimumrendement.

Werknemers: Meer info