Verandering van pensioeninstelling

    2004

    Artikel 34, § 1, tweede lid van de WAP stelt dat wanneer collectieve procedures worden toegepast, zij het individueel akkoord van de aangeslotenen vervangen. In dit artikel wordt echter niet gepreciseerd wanneer zo’n individueel akkoord is vereist.

    Tenzij in de gevallen als bedoeld in artikel 34, § 1, eerste lid moet er dus worden teruggegrepen naar het basisbeginsel van artikel 5 van de WAP, namelijk de exclusieve bevoegdheid van de inrichter. Het tweede lid van artikel 34, § 1 van de WAP voert geen enkel algemeen beginsel van individueel akkoord in bij verandering van pensioeninstelling als er geen CAO moet worden gesloten, het arbeidsreglement niet moet worden gewijzigd of de procedure van een sociaal pensioenstelsel niet moet worden toegepast.

    Artikel 5 van de WAP doet evenwel geen afbreuk aan andere wetsbepalingen over het individueel akkoord.

    In die context vormt de procedure zoals bedoeld in artikel 34, § 1, tweede lid van de WAP een alternatief voor de situaties waarin andere reglementeringen dan de WAP een individueel akkoord vereisen. In een dergelijke situatie kan het individueel akkoord van elke aangeslotene worden vervangen door een collectief akkoord, met name door de toepassing van één van de procedures vermeld in artikel 34, § 1, eerste lid van de WAP.

    Tot slot, als samen met de verandering van pensioeninstelling een wijziging wordt aangebracht in de pensioentoezegging, zijn de desbetreffende bepalingen eveneens van toepassing.