search_api_autocomplete
Home

De FSMA onderzoekt de uitbetalingstermijn van het aanvullend pensioen bij pensionering

Persbericht

Een onderzoek van de FSMA toont aan dat de uitbetaling van het aanvullend pensioen meestal relatief snel volgt na de wettelijke pensionering.

Sinds 1 januari 2016 moeten de pensioeninstellingen (verzekeraars en pensioenfondsen) het aanvullend pensioen uitbetalen bij de pensionering van de aangeslotenen.

Sigedis, de vzw verantwoordelijk voor het beheer van de gegevensbank betreffende aanvullende pensioenen ‘DB2P’, brengt de pensioeninstellingen op de hoogte van de wettelijke pensioneringen op basis van de informatie afkomstig van de Federale Pensioendienst. De pensioeninstelling moet vervolgens de aangeslotene contacteren om deze laatste te informeren over het uit te betalen aanvullend pensioen. Op zijn beurt zal de aangeslotene de pensioeninstelling alle gegevens bezorgen die noodzakelijk zijn voor de uitbetaling. De pensioeninstelling moet de uitbetaling binnen de dertig dagen na ontvangst van deze gegevens uitvoeren.

De FSMA voltooide een onderzoek om te verifiëren of de pensioeninstellingen de termijnen verbonden aan de uitbetaling van het aanvullend pensioen respecteren, zowel voor wat betreft de informatieverstrekking over het uit te betalen pensioen als de eigenlijke uitbetaling.

Dit onderzoek werd uitgevoerd op basis van een steekproef van 1 076 wettelijke pensioneringen die zich hebben voorgedaan in 2019. De onderzochte dossiers betroffen zowel werknemers als zelfstandigen. Het kon hierbij gaan om de uitbetaling van een aanvullend pensioen opgebouwd binnen een sectorale pensioentoezegging, dus verbonden aan de sector van tewerkstelling, maar ook om aanvullende pensioenen toegekend door een onderneming aan de werknemers of de bedrijfsleiders, evenals pensioenovereenkomsten van zelfstandigen.

De onderzoeksresultaten tonen aan dat de termijnen verbonden aan de uitbetaling van het aanvullend pensioen in de regel goed gerespecteerd worden door de pensioeninstellingen, wanneer het gaat om de uitbetaling van een pensioen toegekend door een onderneming of een aanvullend pensioen opgebouwd door een zelfstandige.

De situatie ligt iets moeilijker voor de pensioeninstellingen die verantwoordelijk zijn voor het beheer van sectorale pensioenstelsels. Dit wordt verklaard door het feit dat deze pensioeninstellingen aangewezen zijn op de gegevens die hen per trimester ter beschikking worden gesteld via de Kruispuntbank voor sociale zekerheid (KSZ).

Bij de wettelijke pensionering van een aangeslotene kan de pensioeninstelling niet altijd onmiddellijk het uit te betalen aanvullend pensioen vaststellen, maar moet zij wachten tot de relevante informatie beschikbaar is. Deze praktische moeilijkheid om bij de wettelijke pensionering het aanvullend pensioen te berekenen, heeft ook een impact op de uitbetalingstermijn, inzonderheid op het vereiste om het aanvullend pensioen uit te betalen binnen de dertig dagen nadat de aangeslotene de pensioeninstelling alle noodzakelijke gegevens heeft bezorgd.

De FSMA heeft de vaststellingen verbonden aan de uitbetaling van een sectoraal aanvullend pensioen onder de aandacht van de politieke autoriteiten gebracht.

Het onderzoeksverslag is beschikbaar op de website van de FSMA.