search_api_autocomplete

Vrees voor daling aanvullend pensioen

On this page

Wat is de impact van de coronacrisis en de sterke daling van de beurzen op mijn aanvullend pensioen? Zullen mijn reserves dalen?

De impact van de coronacrisis op uw Het aanvullend pensioen is een pensioen dat door een werkgever (of een bedrijfssector) wordt opgebouwd voor zijn werknemers. Het aanvullend pensioen wordt uitbetaald bovenop het wettelijk pensioen en kan de vorm aannemen van een eenmalig kapitaal of een periodieke (maandelijkse, jaarlijkse,...) rente.
De aanvullende pensioenen worden ook wel de 'tweede pensioenpijler' genoemd.
Werknemers: Meer info.
hangt af van het type van pensioenplan waarbij u bent aangesloten:

1. In deze Q&A wordt de term pensioenplan als een algemene term gebruikt voor alle soorten van pensioentoezeggingen.
Als een werkgever het initiatief neemt om een aanvullend pensioen te organiseren voor alle of een deel van de werknemers in zijn onderneming, spreekt men van een ondernemingsplan. Wanneer het initiatief uitgaat van een paritair comité van een bepaalde bedrijfssector, is dit een sectorplan.
Werknemers: Meer info.
van het
type vaste prestaties (ook wel Defined Benefit of DB-plan genoemd)

Bij dit type van pensioenplan wordt de betaling van een welbepaald pensioen beloofd. Dit wordt doorgaans berekend op basis van een formule die rekening houdt met een aantal elementen, zoals het aantal dienstjaren, het loon, enz.

Om het aanvullend pensioen op te bouwen, worden Het aanvullend pensioen kan gefinancierd worden door:

werkgeversbijdragen (of patronale bijdragen): dit zijn bijdragen die de werkgever stort aan de pensioeninstelling;

en/of

werknemersbijdragen (of persoonlijke bijdragen): dit zijn bijdragen die de werkgever van het loon van de werknemer afhoudt en doorstort aan de pensioeninstelling.

Werknemers: Meer info.
gestort aan de pensioeninstelling (verzekeringsonderneming of Een pensioenfonds is een instelling die wordt opgericht door één of meerdere ondernemingen of bedrijfssectoren met als doel het beheer van hun aanvullende pensioenplannen. De raad van bestuur van deze instelling bestaat voor het merendeel uit vertegenwoordigers van deze onderneming(en) of bedrijfssector(en) en soms ook vertegenwoordigers van de aangeslotenen. Op die manier hebben de oprichtende onderneming(en) of sector(en) rechtstreeks inspraak in het beheer van hun aanvullend pensioenplan en de manier waarop de bijdragen worden belegd.
Een pensioenfonds wordt ook instelling voor bedrijfspensioenvoorziening of IBP genoemd.
Werknemers: Meer info.
). De Dit is de instelling die het aanvullend pensioen beheert. Dit kan een verzekeringsonderneming of een pensioenfonds zijn.
Werknemers: Meer info.
berekent hoeveel bijdragen er betaald moeten worden om het beloofde aanvullend pensioen tegen de pensioenleeftijd te financieren. Afhankelijk van het Het rendement is de opbrengst die men krijgt wanneer men een bedrag belegt. Het neemt de vorm aan van interest.
Voorbeeld:
U belegt 100 euro. Een jaar later heeft u 102 euro. Dit betekent dat de belegging van uw oorspronkelijk bedrag van 100 euro een rendement van 2% heeft opgebracht.
dat door de pensioeninstelling wordt gehaald op de beleggingen, zal de kost voor de werkgever hoger of lager liggen: als het rendement laag is (zoals nu het geval is door de crisis), moeten hogere bijdragen worden betaald. Het is dus de werkgever die het beleggingsrisico van het pensioenplan draagt.

Indien u bent aangesloten bij een pensioenplan van het type Bij een pensioenplan van het type vaste prestaties wordt de betaling van een welbepaald pensioen beloofd: de inrichter (werkgever of sectorale inrichter) belooft aan zijn werknemers een eenmalig kapitaal of een bepaalde rente bij hun pensionering.
Het pensioenreglement beschrijft hoe groot dit kapitaal of de rente zal zijn: dit wordt meestal berekend op basis van een formule die rekening houdt met het aantal jaren dat de werknemer heeft gewerkt en zijn loon.
Werknemers: Meer info.
hoeft u zich in principe geen zorgen te maken over de manier waarop het aanvullend pensioen wordt gefinancierd: bij pensionering heeft u recht op de beloofde prestatie. Als op het einde van de rit blijkt dat de opgebouwde bedragen niet voldoende zijn om het beloofde aanvullend pensioen uit te betalen, moet de werkgever (of sectorale Het initiatief voor de opbouw van een aanvullend pensioen ligt bij de inrichter. De inrichter is degene die het aanvullend pensioen belooft aan de werknemers.

In de meeste gevallen gaat het initiatief uit van de werkgever. Heel wat werkgevers hebben een pensioenplan ingevoerd voor de werknemers van hun onderneming. In dat geval spreekt men van een ondernemingspensioen of ondernemingsplan.
Het initiatief kan ook uitgaan van een bedrijfssector. In dat geval zal het pensioenplan gelden voor de werknemers van een hele sector. Men spreekt in dat geval van een sectorpensioen of sectorplan.

Wanneer de sociale partners een sectorplan invoeren, moeten zij een instelling aanduiden die de rol van inrichter op zich neemt. Dit moet een instelling zijn die gezamenlijk wordt bestuurd door vertegenwoordigers van de werknemers en van de werkgevers. Meestal is dit een fonds voor bestaanszekerheid.
Werknemers: Meer info.
) bijbetalen.

Indien het pensioenplan voorziet in persoonlijke bijdragen van de werknemers, legt de wet aan de werkgevers (of Het initiatief voor de opbouw van een aanvullend pensioen ligt bij de inrichter. De inrichter is degene die het aanvullend pensioen belooft aan de werknemers.
In de meeste gevallen gaat het initiatief uit van de werkgever. Het initiatief kan ook uitgaan van een bedrijfssector. In dat geval zal het pensioenplan gelden voor de werknemers van een hele sector. Men spreekt in dat geval van een sectorpensioen of sectorplan.
Wanneer de sociale partners een sectorplan invoeren, moeten zij een instelling aanduiden die de rol van inrichter op zich neemt. Dit moet een instelling zijn die gezamenlijk wordt bestuurd door vertegenwoordigers van de werknemers en van de werkgevers. Meestal is dit een fonds voor bestaanszekerheid.
Werknemers: Meer info.
) bovendien nog een rendementsverplichting op. De Personen die zijn aangesloten bij een aanvullend pensioenplan worden aangeslotenen genoemd. Er wordt een onderscheid gemaakt tussen:

actieve aangeslotenen: dit zijn personen die nog in dienst zijn:

van de werkgever die voor hen een aanvullend pensioen opbouwt;
of binnen de bedrijfssector waarvoor het pensioenplan geldt;


slapers: dit zijn personen die niet meer in dienst zijn binnen de onderneming of bedrijfssector, maar hun reserves in het pensioenplan achterlaten;
rentegenieters: dit zijn personen die met pensioen zijn en waarvan het aanvullend pensioen in de vorm van een rente wordt uitbetaald.

Werknemers: Meer info.
hebben bij pensionering minstens recht op het bedrag van de gestorte werknemersbijdragen, na aftrek van het gedeelte van die bijdrage dat werd gebruikt voor de dekking van het overlijdens- en invaliditeitsrisico, gekapitaliseerd tegen een wettelijk vastgestelde rentevoet. Momenteel bedraagt deze rentevoet 1,75%. Indien er een tekort zou bestaan ten opzichte van deze wettelijke minimale waarborg, moet de werkgever (of sectorale inrichter) het verschil bijpassen.

2. Pensioenplan van het type vaste bijdragen (ook wel Defined Contribution of DC-plan genoemd)

Bij dit type van pensioenplan belooft de werkgever (of sectorale inrichter) geen vast eindresultaat, maar enkel de betaling van bijdragen.

Voor elke werknemer wordt regelmatig, bv. elke maand of elk jaar, een bepaalde bijdrage gestort aan de pensioeninstelling (verzekeringsonderneming of pensioenfonds). De bijdragen worden door de pensioeninstelling voor elke aangesloten werknemer afzonderlijk op een individuele rekening bijgehouden.

Hoeveel het aanvullend pensioen uiteindelijk zal bedragen bij pensionering, hangt af van hoeveel bijdragen er worden betaald, hoe lang er wordt gespaard en hoeveel rendement de beleggingen opbrengen. Het beleggingsrisico, nl. of de beleggingen veel of weinig rendement opbrengen, ligt bijgevolg bij de aangesloten werknemers.

  • Dit is vooral het geval indien de reserves worden beheerd door een pensioenfonds of een tak 23-verzekeringsproduct. In deze gevallen fluctueren de reserves op basis van de onderliggende beleggingen. Indien de rendementen dalen, dalen ook uw aanvullende pensioenreserves.
  • Als uw reserves worden beheerd in een tak 21-verzekeringsproduct, heeft u recht op een gewaarborgd rendement door de verzekeringsonderneming, die mogelijk wordt aangevuld met een In een tak 21 verzekeringsproduct waarborgt de verzekeringsonderneming een vast rendement.
    Als de resultaten van de verzekeringsonderneming het toelaten, kan zij bovendien een winstdeelname toekennen. Dit is een bijkomend rendement bovenop het gewaarborgde rendement. Het bedrag van de winstdeelname kan van jaar tot jaar verschillen omdat dit afhangt van de algemene resultaten van de verzekeringsonderneming. Het is de algemene vergadering van de verzekeringsonderneming die daarover beslist.
    Werknemers: Meer info.
    .

Opgelet!

In het huidige renteklimaat kan het gewaarborgd rendement ook negatief zijn, omdat ofwel de gewaarborgde rentevoet negatief is ofwel de kosten verbonden aan de verzekering hoger zijn dan de gewaarborgde rentevoet.

Wettelijke bescherming

Om het risico voor de werknemers te beperken, voorziet de wet in een minimale Om het beleggingsrisico voor de aangeslotenen te beperken, heeft de wet een rendementsgarantie ingevoerd: de inrichter (werkgever of sectorale inrichter) is verplicht om ervoor te zorgen dat de aangeslotenen bij pensionering of overdracht na uitdiensttreding, minstens het bedrag van de gestorte werkgeversbijdragen en/of werknemersbijdragen krijgen, gekapitaliseerd tegen een wettelijk vastgesteld minimumrendement.
Werknemers: Meer info.
. De werkgever (of sectorale Het initiatief voor de opbouw van een aanvullend pensioen ligt bij de inrichter. De inrichter is degene die het aanvullend pensioen belooft aan de werknemers.

In de meeste gevallen gaat het initiatief uit van de werkgever. Heel wat werkgevers hebben een pensioenplan ingevoerd voor de werknemers van hun onderneming. In dat geval spreekt men van een ondernemingspensioen of ondernemingsplan.
Het initiatief kan ook uitgaan van een bedrijfssector. In dat geval zal het pensioenplan gelden voor de werknemers van een hele sector. Men spreekt in dat geval van een sectorpensioen of sectorplan.

Wanneer de sociale partners een sectorplan invoeren, moeten zij een instelling aanduiden die de rol van inrichter op zich neemt. Dit moet een instelling zijn die gezamenlijk wordt bestuurd door vertegenwoordigers van de werknemers en van de werkgevers. Meestal is dit een fonds voor bestaanszekerheid.
Werknemers: Meer info.
) moet ervoor zorgen dat de werknemers bij hun pensionering of bij de overdracht van hun reserves na uitdiensttreding minstens de gestorte Het aanvullend pensioen kan gefinancierd worden door:

werkgeversbijdragen (of patronale bijdragen): dit zijn bijdragen die de werkgever stort aan de pensioeninstelling;

en/of

werknemersbijdragen (of persoonlijke bijdragen): dit zijn bijdragen die de werkgever van het loon van de werknemer afhoudt en doorstort aan de pensioeninstelling.

Werknemers: Meer info.
terugkrijgen, na aftrek van het gedeelte van die bijdrage dat werd gebruikt voor de dekking van het overlijdens- en invaliditeitsrisico, gekapitaliseerd aan een wettelijk vastgestelde rentevoet. Momenteel bedraagt deze rentevoet 1,75% voor actieve werknemers en 0% voor personen die uit dienst zijn en hun reserves bij de Dit is de instelling die het aanvullend pensioen beheert. Dit kan een verzekeringsonderneming of een pensioenfonds zijn.
Werknemers: Meer info.
hebben laten staan. Er mogen wel kosten in rekening worden gebracht.

Wanneer bij pensionering of bij een overdracht van de reserves na de uitdiensttreding van een werknemer zou blijken dat de bijdragen minder hebben opgebracht dan het wettelijk minimum, dan zal de werkgever moeten bijbetalen. Lees hier meer over de wettelijke rendementsgarantie.

Wat als mijn werkgever de bijdragen niet kan betalen?

Sommige ondernemingen doen hun best om verder actief te blijven, maar hebben omwille van de coronacrisis minder omzet dan anders. Het is mogelijk dat hierdoor financiële problemen ontstaan en de Het aanvullend pensioen kan gefinancierd worden door:

werkgeversbijdragen (of patronale bijdragen): dit zijn bijdragen die de werkgever stort aan de pensioeninstelling;

en/of

werknemersbijdragen (of persoonlijke bijdragen): dit zijn bijdragen die de werkgever van het loon van de werknemer afhoudt en doorstort aan de pensioeninstelling.

Werknemers: Meer info.
voor het Het aanvullend pensioen is een pensioen dat door een werkgever (of een bedrijfssector) wordt opgebouwd voor zijn werknemers. Het aanvullend pensioen wordt uitbetaald bovenop het wettelijk pensioen en kan de vorm aannemen van een eenmalig kapitaal of een periodieke (maandelijkse, jaarlijkse,...) rente.
De aanvullende pensioenen worden ook wel de 'tweede pensioenpijler' genoemd.
Werknemers: Meer info.
van de werknemers niet kunnen worden betaald.

De pensioeninstelling moet ervoor zorgen dat het In deze Q&A wordt de term pensioenplan als een algemene term gebruikt voor alle soorten van pensioentoezeggingen.
Als een werkgever het initiatief neemt om een aanvullend pensioen te organiseren voor alle of een deel van de werknemers in zijn onderneming, spreekt men van een ondernemingsplan. Wanneer het initiatief uitgaat van een paritair comité van een bepaalde bedrijfssector, is dit een sectorplan.
Werknemers: Meer info.
steeds voldoende gefinancierd is. Om deze reden zal de Dit is de instelling die het aanvullend pensioen beheert. Dit kan een verzekeringsonderneming of een pensioenfonds zijn.
Werknemers: Meer info.
uw werkgever vragen om de bijdragen voor de opbouw van uw aanvullend pensioen te betalen.

Indien de werkgever deze bijdragen niet kan betalen, zal de pensioeninstelling alle aangesloten werknemers uiterlijk 3 maanden na de vervaldag van die bijdragen hiervan op de hoogte brengen.

  • Indien het pensioenplan wordt beheerd door een verzekeringsonderneming, dan zal deze een vastgestelde onderfinanciering onmiddellijk melden aan uw werkgever. Uw werkgever heeft dan zes maanden de tijd om het tekort aan te zuiveren. Indien binnen deze periode het tekort niet of niet volledig wordt gefinancierd, dan moet de verzekeraar de Wanneer een aanvullend pensioenplan wordt beheerd door een verzekeringsonderneming, dan sluit de inrichter daartoe een verzekeringsovereenkomst af met de verzekeringsonderneming. Wanneer het aanvullend pensioenplan geldt voor meerdere werknemers gaat het om een groepsverzekering.
    reduceren. Dit betekent dat de pensioenreserves per aangesloten werknemer op een individuele rekening worden geplaatst en de eventuele aanwezige collectieve reserves worden verdeeld onder de Personen die zijn aangesloten bij een aanvullend pensioenplan worden aangeslotenen genoemd. Er wordt een onderscheid gemaakt tussen:

    actieve aangeslotenen: dit zijn personen die nog in dienst zijn:

    van de werkgever die voor hen een aanvullend pensioen opbouwt;
    of binnen de bedrijfssector waarvoor het pensioenplan geldt;


    slapers: dit zijn personen die niet meer in dienst zijn binnen de onderneming of bedrijfssector, maar hun reserves in het pensioenplan achterlaten;
    rentegenieters: dit zijn personen die met pensioen zijn en waarvan het aanvullend pensioen in de vorm van een rente wordt uitbetaald.

    Werknemers: Meer info.
    . Nadien zullen uw pensioenrechten niet meer evolueren volgens de regels van het pensioenplan, maar enkel volgens de opbrengst van de onderliggende beleggingen.
  • Indien het pensioenplan wordt beheerd door een IBP (instelling voor bedrijfspensioenvoorziening of ook Een pensioenfonds is een instelling die wordt opgericht door één of meerdere ondernemingen of bedrijfssectoren met als doel het beheer van hun aanvullende pensioenplannen. De raad van bestuur van deze instelling bestaat voor het merendeel uit vertegenwoordigers van deze onderneming(en) of bedrijfssector(en) en soms ook vertegenwoordigers van de aangeslotenen. Op die manier hebben de oprichtende onderneming(en) of sector(en) rechtstreeks inspraak in het beheer van hun aanvullend pensioenplan en de manier waarop de bijdragen worden belegd.
    Een pensioenfonds wordt ook instelling voor bedrijfspensioenvoorziening of IBP genoemd.
    Werknemers: Meer info.
    genoemd)
    dan zal deze bij eventuele tekorten een herstelplan moeten voorleggen bij de toezichthouder ‘FSMA’.

Speciale maatregelen in het kader van de Coronacrisis

  • In het kader van de coronacrisis is het mogelijk dat sommige werknemers zich in een situatie van tijdelijke werkloosheid wegens overmacht of wegens economische redenen bevinden. Voor deze werknemers kan de werkgever een uitstel van betaling van de bijdragen voor de opbouw van het aanvullend pensioen en de dekkingen inzake overlijden, ziektekosten, arbeidsongeschiktheid en/of invaliditeit krijgen tot en met 30 september 2021.

    Na 30 september 2021 moeten de bijdragen wel onverwijld betaald worden. Meer informatie.

Wat als ik ontslagen word?

Als u ontslagen wordt tijdens de coronacrisis, gelden voor uw Het aanvullend pensioen is een pensioen dat door een werkgever (of een bedrijfssector) wordt opgebouwd voor zijn werknemers. Het aanvullend pensioen wordt uitbetaald bovenop het wettelijk pensioen en kan de vorm aannemen van een eenmalig kapitaal of een periodieke (maandelijkse, jaarlijkse,...) rente.
De aanvullende pensioenen worden ook wel de 'tweede pensioenpijler' genoemd.
Werknemers: Meer info.
de algemene regels. Die kan u hier nalezen.